Zelfcensuur

Ben jij een schrijver die alles meteen schrijft, of redigeer je tijdens het schrijven? Dit is een onderwerp dat wel vaker ter sprake komt, maar ik wil in deze blog graag een middenweg bieden.

Kort gezegd lijkt het een keuze te zijn tussen: aan het eind heel veel werk doen of heel langzaam vooruitgang boeken. Maar of dit zo is of niet, denk ik dat je tussendoor zeker moet letten op een aantal valkuilen. En dan heb ik het over details, die als je boek eenmaal klaar is lang niet zo snel opvallen als tijdens het schrijven. Deze “details” hebben namelijk weinig met het verhaal te maken, maar alles met schrijven, leesbaarheid van de tekst en stijl.

Maar Annemiek! Wat nou als ik gewoon lekker wil schrijven en mijn fantasie los wil laten? Wat als dit mij uit mijn “flow” haalt? Wat boeit mij al die stijve regeltjes?

Dat zal ik je vertellen. Het is fantastisch als jouw sterke kant het verzinnen van een magisch verhaal is, zonder dat kom je nergens, maar er is nu eenmaal een medium (taal) waarmee je dat verhaal vertelt. Als je daar geen aandacht aan besteedt, haal jij juist je lezers uit de flow. 

Wanneer ik verder ga met schrijven lees ik altijd even het stukje terug dat ik als laatst geschreven heb, om weer in het verhaal te komen. Dan voeg ik een missende letter toe, verbeter ik een kromme zin of valt me opeens een stopwoordje op. Dit kost weinig tijd (nog geen twee minuten), maar het poetst de tekst al op, op een manier die me aan het eind hoogstwaarschijnlijk niet meer zou lukken.

Om dit niet op het toeval aan te laten komen, heb ik een document waarbij ik bijhoud waar ik op wil letten tijdens het schrijven. Ik deel dat hier graag met je, zodat jij er misschien inspiratie uit kan opdoen.

  • werkwoordspelling: d/t-fouten, los of aan elkaar?
  • stopwoordjes (bijvoorbeeld: elk personage bijt op zijn/haar lip of zegt ‘oké’)
  • veelgebruikte terugkerende woorden (vind hier synoniemen voor!) (bijvoorbeeld: elk meubelstuk dat omschreven is is van hout gemaakt)
  • gebruik hoofdletters en kleine letters (zoals bij sporten, schoolvakken, spreuken)
  • logica van alinea’s (te lang, chaotisch, meer dan 1 onderwerp)
  • duidelijkheid in dialoog: wie is er aan het woord?
  • Gebruik van bijwoorden (verwijderen waar kan)
  • Vage termen en verkleinwoorden (vermijd veel gebruik van “een beetje” “ergens” “bijna” “ongeveer” “een tijdje”)

Wat deze lijst voor mij doet is dat het me een idee geeft van hoe ik mijn tekst kan verhelderen en bijschaven. Ik let echt niet op elk punt op elk moment van het schrijven, maar ik hou het meeste wel in mijn achterhoofd. Als me dan iets opvalt, dan herken ik het uit dit rijtje en pas ik het aan. 

Je kan ook altijd extra dingen toevoegen, want jouw schrijfstijl verandert voortdurend. Zeker stopwoordjes en andere veelgebruikte termen sluipen er geleidelijk in. Wanneer je manuscript af is, kan je deze lijst erbij pakken en het structureel afgaan, maar dan heb je jezelf al best wat werk bespaard.

Waar let jij het meest op tijdens het schrijven?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.